Dirk Duurzaam | Shop de vrede bij elkaar

shoppen

Enkele weken geleden werd ik blij verrast door een artikel in de NRC: Amsterdam wint rechtszaak om ja-ja-sticker. Ik pleitte in april in deze column voor een wijziging van de brievenbussticker. Plak alleen een Ja/Ja-sticker op de brievenklep als je reclamefolders wilt ontvangen. En niet andersom, zoals nu het geval is. Zit er geen sticker op je brievenbus dan loopt de bezorger vrolijk je deur voorbij. Amsterdam gaat hem dus invoeren. En Langedijk, als vooruitstrevende Global Goal gemeente? Het scheelt hele bossen!

Gelukkig kreeg ik weer eens een email:

 

Geachte heer Duurzaam,

 

Waarom is het zo moeilijk om lekker en relaxed leven te combineren met ‘bewust’ leven?

- Waarom heeft voor bijna elk aankoop een dier geleden, of een kind in Vietnam, of een boer in Verweggistan?

- Hoe hebben we het ooit zo ver kunnen laten komen met de plofkippen en Friponileieren.

- Waarom is de Primark — die bijna volledig op kinderarbeid draait — zo’n enorm succes? - Waarom weten we zelden waar producten precies vandaan komen, en hoe ze gemaakt zijn?

Niemand wil slechte producten kopen, maar je wordt ertoe gedwongen. Soms weet je het niet eens. Het is gewoonweg onmogelijk om te weten welke eieren nou eigenlijk wel goed zijn, of welke kleding niet met kinderarbeid gemaakt wordt, of welke chocolade wel oké is. Als ik daaraan denk, word ik er ontzettend moe en treurig van. Waarom kunnen we nou niet gewoon makkelijk zien welke producten ‘goed’ zijn, en welke niet? Waarom wordt het altijd zo ingewikkeld?

 

Bezorgde groetjes, Tiny

 

Goede vraag, Tiny. We leven nu eenmaal in een ‘kapitalistische’ maatschappij. Dat betekent dat geld en winst maken het allerbelangrijkst is. Alles wat daarna komt is van ondergeschikt belang. Als een bedrijf een product wil maken zoekt hij de goedkoopste productiemethode, materialen, arbeid en een gunstig belastingklimaat. Neem nu je nieuwe kersttrui, compleet met eland. Heel vroeger werd dit fraaie kledingstuk in Nederland gemaakt. Maar toen begonnen we hier de arbeidsomstandigheden van textielarbeiders te verbeteren, beter om te gaan met het milieu en meer belasting te heffen. De trui werd ‘te duur’. De textielfabrieken verdwenen en verrezen ze in Bangladesh en India, want daar zijn minder regels, kijkt men niet naar arbeidsomstandigheden en belasting kan gemakkelijk worden omzeild. Zo gaat dat met kleding, telefoons uit China, slabonen uit Ethiopië (waar ze zelf hongerlijden) of rozen uit Tanzania. Dieren stoppen in de kleinst mogelijke hokken in megastallen. Dan zijn er ook concurrenten die ook graag willen blijven verkopen. Terugtredende overheden, falende toezichthouders, globalisering, multinationals, belastingverdragen houden deze keiharde ‘vrije’ markt in stand. Dat is nu eenmaal een gegeven. Betere regels en wetten kunnen dit systeem verbeteren, maar wereldwijd valt dat niet mee en de belangen zijn enorm.

Hopeloos? Nee, maar het is goed om te weten hoe het werkt. Daarom vergt het helaas meer inspanning. Goed etiketten lezen, lokaal geteelde biologische seizoen groente kiezen, Dirk Duurzaamweinig of geen vlees eten en FairTrade producten. Niet te veel rommel in huis halen en waarom geen tweedehands? Websites zoals Nudge en Klooker helpen je op weg.

Over een paar dagen is het weer kerst en zingen we braaf “Vrede op aarde” en klagen dat het maar niet opschiet met die vrede. Maar veel bewuster (niet) kopen van spullen en etenswaar helpt de vrede een stukje dichterbij en is ook goed voor het milieu en de leefomstandigheden van mensen ver weg. Het kerstdiner is een mooi begin. Want, wat serveer jij je schoonmoeder? Tilapia uit Vietnam en sla uit de gasgestookte kassen? Het levert vast voldoende gespreksstof op bij de kunstkerstboom van de Action in je nieuwe jurkje van de Zara.

Fijne kerst en zullen we afspreken dat we het volgend jaar beter gaan doen? Deal!

 

Dirk